Werkt therapie echt?
Een eerlijke blik op wat wetenschap ons laat zien
De afgelopen jaren hoor je het steeds vaker:
“Deze therapie is evidence-based.”
Het klinkt geruststellend. Wetenschappelijk onderbouwd. Bewezen effectief. Alsof het daarmee vaststaat dat het werkt.
Maar als je iets dieper kijkt, wordt het beeld genuanceerder. En eerlijk gezegd ook interessanter.
Wat zegt de wetenschap echt?
Uit grote overzichtsstudies blijkt dat psychotherapie gemiddeld beter werkt dan geen behandeling. Dat is belangrijk om te benoemen. Voor sommige mensen kan therapie helpend zijn, zeker in bepaalde fases van hun leven.
Tegelijkertijd laten diezelfde studies zien dat de gemiddelde effecten vaak klein tot matig zijn. Dat betekent dat therapie bij een deel van de mensen duidelijk helpt, maar bij een groot deel ook weinig of nauwelijks verschil maakt.
Dat is geen mening. Dat is wat de cijfers laten zien.
Het label ‘evidence-based’ verdient nuance
Veel onderzoeken vergelijken therapie met een wachtlijst. Met andere woorden: iets doen versus niets doen. Logisch dat iets dan beter scoort.
Wanneer therapie wordt vergeleken met andere actieve interventies, zoals bewegen, leefstijlverandering, sociale activering of structuur in het dagelijks leven, worden de verschillen vaak een stuk kleiner. Soms verdwijnen ze zelfs.
Daar komt nog bij dat positieve onderzoeksresultaten vaker worden gepubliceerd dan negatieve. Daardoor lijkt het effect van therapie in de literatuur soms groter dan het in werkelijkheid is.
De therapeut is belangrijker dan de therapie
Een van de meest consistente bevindingen uit decennia aan onderzoek is dit:
de kwaliteit van de relatie tussen mens en therapeut voorspelt het resultaat sterker dan de gebruikte methode.
Veiligheid, vertrouwen, gezien worden. Dat blijkt keer op keer belangrijker dan het protocol.
Dat zet vraagtekens bij het idee dat je mensen “beter maakt” door de juiste techniek toe te passen.
Waar wetenschap steeds duidelijker over wordt
Steeds meer onderzoek wijst erop dat mentaal herstel niet los te zien is van het leven zelf.
Slaaptekort, geen ritme, weinig beweging, sociale isolatie, een omgeving vol prikkels en stress. Dat zijn geen randzaken. Dat zijn kernfactoren.
Zolang die basis niet op orde is, blijft therapie vaak beperkt tot het praten over klachten, terwijl het leven waarin die klachten ontstaan onveranderd doorgaat.
Dus… helpt therapie?
Het eerlijke antwoord is: soms.
Therapie kan helpend zijn als ondersteuning, als aanvulling, als plek om dingen te ordenen of te begrijpen. Maar het idee dat je mensen duurzaam helpt zonder iets te veranderen aan hoe ze leven, bewegen, slapen en verbonden zijn, wordt steeds moeilijker vol te houden.
Herstel blijkt geen gesprek te zijn.
Het is een proces dat zich afspeelt in het echte leven.
Onze overtuiging
Wij geloven niet dat mensen stuk zijn en gerepareerd moeten worden. We zien vooral mensen die te lang zijn losgeraakt van ritme, lichaam, verbinding en betekenis.
Daarom richten wij ons niet primair op het behandelen van klachten, maar op het opnieuw inrichten van het leven. Met structuur, beweging, verantwoordelijkheid, natuur en echte menselijke nabijheid.
Niet als vervanging van zorg.
Maar als iets wat vaak vergeten wordt.
Want uiteindelijk geneest niet de methode.
Het is het leven zelf dat herstelt, als je het weer leefbaar maakt.
Meer weten onze unieke aanpak stuur dan gerust een berichtje.




















